de 'overpeinzingen' van

Jolanda van Harten

2011 24 september - 22 oktober

Zeefdrukken en de wereld waaruit ze voortkomen

d i n g e n . v i n d e n . h u n . p l a a t s

Zorgvuldig omgaan met de dingen, ze koesteren in een beschermde omgeving die je met ze deelt en ze daar langzaam een plaats laten vinden in relaties die steeds opnieuw moeten worden bestendigd.
Zoals het eigen leven in feite, waarin ook steeds gezocht moet worden naar de plaats die eigen is, om ten minste voor even bestendigheid te vinden in relaties met de mensen en de dingen om je heen.

Het is een liefdevolle manier van handelen, die juist zó de medogenloosheid aan het licht brengt van wat zo vaak als gewoon wordt gekenmerkt, maar eigenlijk eerder veronachtzaming is: niet de moeite willen nemen ten minste even te informeren naar 'de staat der dingen'.

Het is moeilijk voor te stellen dat er een veiliger en meer gekoesterde plek zou kunnen zijn voor een ergens gevonden, ouder, mode-modellen schrift van een relatief onbekende in een juist te ver verleden, net te dichtbij, om door die afstand waarde te verkrijgen ­ zo anders dan de intrinsieke waarde ­ dan, van af haar aanraking en verwerking, in het werk van Jolanda van Harten.
Niet alleen geeft Jolanda van Harten de tekeningen zo zelf een bestendigde plek, maar ze vraagt, voorzichtig, ook ons met enig respect kennis te nemen van zo'n stukje menselijke geschiedenis ­ beschaving, eigenlijk, die op zijn om beschaving vraagt; niet meer. En dat uit de realistische gedachte, dat wat in de vorm waarin het zich voordoet mogelijk niet zijn eindbestemming heeft gevonden, in relatie gebracht met zorgvuldig gewogen andere zaken in een evenzo zorgvuldig gewogen verhouding tot elkaar, mogelijk tot wasdom kan komen.

Zo is ook de tentoonstelling ingericht: plekken waar de dingen hun specifieke en net zo goed niet specifieke relaties kunnen aangaan. Zo'n tentoonstelling waarbij je (afgezien van een gewenste veel grotere ruimte met meer van haar werk en de dingen) eigenlijk de gehele tentoonstellingsperiode tenminste dagelijks de opstelling zou moeten veranderen, dingen toe zou moeten voegen, of juist wegnemen.

Uit de dingen zelf, uiteraard bedoel ik hier het eigenlijke werk en de gevonden objecten, spreekt steeds een groot verlangen om kennis te nemen van 'de intieme geschiedenis', de mogelijk verleden relaties; en ook kennisneming omtrent de mogelijkheden die in de nieuwe situaties ontstaan en hoe die bij zouden kunnen dragen aan zelfverwezelijking. Bij kunst spreek je ook van zelfverwezenlijking wanneer je de realisatie van het kunstwerk zelf, ten opzichte van zichzelf, bedoelt; de kunstenaar wil vaak slechts zijn werk helpen zichzelf te realiseren ­ daarbij is distatie tussen kunstenaar en het eigenlijke werk van groot belang. En dat alles in een broos maar feitelijk zijn. en voortgaan.
Daarnaast is er in het werk van Jolanda van Harten ­ zeker niet alleen voortkomend uit de werkwijze van deze zeefdrukker, ook al licht het wel op haar weg ­ steeds sprake van ontleding: het steeds uiteen nemen om dan, ontdaan van de schijnbaar voor de handliggende functie, te onderzoeken wat wezenlijke betekenis zou kunnen zijn. Gewoon, koel en afstandelijk, het ding zoals het zich dan voor doet; maar ook betrokken heen en weer schuivend om samen met het ding te zoeken naar een bruikbare betekenis voor het ding, èn de mens die het beroert.

.

Zeefdrukken en de wereld waaruit ze voortkomen;

om er daarna weer naadloos een plaats in terug te vinden.

Joseph John V. Componist

INDEX